'Web 2.0' geeft bedrijf wel degelijk voorsprong
'Web 2.0' geeft bedrijf wel degelijk voorsprong
Het inzetten van Web 2.0-instrumenten - denk aan twitteren, weblogs en sociale netwerken - leidt aantoonbaar tot businessvoordelen, blijkt uit onderzoek van McKinsey. Maar het topmanagement is zich daar niet altijd van bewust.
Een jaar of drie geleden raakte de term Web
2.0 in zwang. De definities verschillen, maar over het algemeen worden
daarmee alle internettechnologieën bedoeld die ervaringen op het web
interactiever en socialer maken. Denk aan weblogs, websites met productreviews,
sociale netwerken als LinkedIn en Facebook
en websites als YouTube waar gebruikers video's kunnen delen en bespreken. Ook
twitteren, in sommige kringen een hype, is een voorbeeld van een Web
2.0-toepassing. Interessant, al die nieuwe ontwikkelingen, maar bieden ze ook
voordelen voor het grootbedrijf?
Het antwoord van McKinsey, op basis van
een onderzoek onder bijna 1.700 topmanagers wereldwijd, is ondubbelzinnig
positief: 69 procent van de ondervraagden geeft aan dat er meetbare
businessvoordelen zijn behaald dankzij Web 2.0, zoals innovatievere producten,
effectievere marketing,
betere toegang tot kennis en lagere transactiekosten. Bedrijven die meer
gebruikmaken van deze technologieën, boeken ook betere
resultaten.
Voordeel interne organisatie
Uit het
onderzoek blijkt verder dat succesvolle bedrijven zich niet beperken tot het
integreren van de Web 2.0-instrumenten in de interne bedrijfsprocessen, maar
deze ook inzetten richting klanten, leveranciers en partners, en zo een
networked company creëren. Met name in de sectoren hightech, telecom en
zakelijke dienstverlening scoren de nieuwe toepassingen goed.
Als
belangrijkste voordeel voor de interne organisatie noemen de respondenten dat
medewerkers makkelijker met elkaar in contact kunnen treden. Dat heeft tot
gevolg dat het participeren in projecten laagdrempeliger wordt en dat ideeën
sneller kunnen worden uitgewisseld. Ook interne deskundigen kunnen makkelijker
worden benaderd, waardoor de toegang tot kennis
versnelt.
RSS-feeds
Dit alles kan weer leiden tot een
kortere time-to-market van nieuwe producten. Ook dalen de operationele kosten,
omdat er minder gereisd hoeft te worden als medewerkers op interne blogs of
wiki-pagina's hun bijdrages leveren en via RSS-feeds automatisch op de hoogte
blijven van de laatste nieuwtjes. Bijkomend voordeel is dat deze tools de
werktevredenheid vergroten.
Ook richting klanten biedt Web 2.0 voordelen.
Een daling in de marketingkosten en een grotere klanttevredenheid worden als
meeste genoemd. Een fenomeen dat zonder Web 2.0 onmogelijk was geweest is
co-creatie (ook wel crowdsourcing genoemd), waarbij bedrijven samen met klanten
nieuwe producten ontwikkelen.
Denkkracht klanten
Een
bekend voorbeeld komt van Lego, dat kinderen uitnodigde hun mooiste creatie te
uploaden, waarna bezoekers van de site konden stemmen op hun favoriete ontwerp.
Vervolgens werd de inzending met de meeste stemmen daadwerkelijk in productie
genomen.
Ook voor de zakelijke markt zijn dit soort toepassingen
mogelijk, waarbij gebruikers meedenken over productinnovaties en de community
bepaalt welke verbeteringen het meest gewenst zijn. Cisco deed het met succes:
een oproep leidde tot 2.500 inzendingen uit 104 landen. Het levert gratis
denkkracht op voor bedrijven én het doet wonderen voor de loyaliteit van
klanten.
Internetontwikkelingen
Geert-Jan Smits,
oprichter en eigenaar van internetadviesbureau Jungle Minds spreekt vaak met
directies van Nederlandse top-200 bedrijven. Hij merkt dat veel bestuurders niet
op de hoogte zijn van belangrijke internetontwikkelingen en dus ook de
vertaalslag naar de strategie niet kunnen maken. "Ik kom bij bedrijven die
inmiddels 30 procent van hun omzet via internet halen. Dat is langzaam zo
gegroeid. Maar het bedrijf wordt nog steeds als een traditioneel bedrijf
geleid."
In de visie van Smits wordt internet het leidende
communicatiekanaal van de toekomst. "Bedrijven hadden hun winkels of kantoren
als belangrijkste communicatiekanaal, eventueel aangevuld met een callcenter.
Later kwam daar internet bij. Ik voorzie dat internet leidend wordt en dat die
andere kanalen slechts ondersteunend zullen zijn."
Directe communicatie
En dat betekent nogal wat voor de
inrichting van een bedrijf, stelt hij. "Vroeger kon je een vraag of een klacht
vijf dagen laten liggen. Nu verwachten klanten dat ze direct worden geholpen. De
communicatie wordt veel directer. Veel bedrijven werken al met videochat,
waardoor klanten live via hun webcam met een helpdeskmedewerker spreken. Als je
je klanten serieus neemt, zul je mee moeten in dit soort
ontwikkelingen."
Het gaat er Smits niet om dat bestuursleden tot in
detail weten wat er technisch mogelijk is. Het belangrijkst is dat ze de
onderstroom zien. En die onderstroom is dat niet de massa langer centraal staat,
maar het individu. Communicatie is geen eenrichtingsverkeer, maar een dialoog.
Dat betekent: persoonlijk contact onderhouden met de klant en luisteren naar
zijn wensen, met co-creatie als meest extreme voorbeeld.
Sociaal
contact
Alle trends op internet convergeren uiteindelijk naar die
onderstroom, aldus Smits. "Je ziet dat vrijwel alle Web 2.0-toepassingen
aansluiten op de menselijke behoefte aan sociaal contact. Dat geldt voor weblogs
en voor videosharing. In sommige webwinkels kun je al chatten met
medegebruikers, zodat je de ervaring hebt van samen winkelen."
Als je
weet wat de onderstroom is, helpt dat om de strategie te bepalen en de juiste
middelen in te zetten. Veel beslissingen worden echter ad hoc genomen, bang als
bedrijven of bestuurders zijn om de boot te missen. Een voorbeeld is Second
Life, dat enkele jaren geleden een kortstondige hype was. Een bedrijf als ABN Amro was
er trots op dat het als eerste bank een kantoor had in deze virtuele omgeving en
scoorde daar ook publiciteit mee. Het vergat alleen om het kantoor ook te
bemannen, waardoor bezoekers voor een gesloten virtuele deur stonden en de bank
alsnog reputatieschade opliep.
Twitter
"Tijdens
sessies hoor ik weleens: we moeten twitteren!," zegt Smits. "Ze hebben ervan
gehoord, het is hip, maar de vraag is natuurlijk: welk bedrijfseconomisch belang
is ermee gediend? Die afweging moet je voortdurend maken. Een twitterende CEO
levert niets op. Een CEO van een beursgenoteerd bedrijf moet heel erg op zijn
woorden passen, want informatie is al gauw koersgevoelig. Dan kan hij alleen nog
maar twitteren over het uitlaten van de hond. Het dient geen enkel doel, hooguit
het ego van de CEO zelf.'
Bij ieder instrument moet die afweging worden
gemaakt. En de top moet in staat zijn om die afweging zelf te maken. "Als
bestuurder moet je een visie hebben op internet. Als je 35-jarige
marketingmanager met een idee komt, moet je dit kunnen toetsen aan je strategie.
Je moet de juiste vragen kunnen stellen. Kun je dat niet, dan werkt het óf
remmend, óf er worden zaken in gang gezet die geen enkel doel
dienen."
Onderzoeksresultaten Web 2.0
McKinsey
concludeert dat het gebruik van Web 2.0 binnen bedrijven vaste vormen begint aan
te nemen. De helft van de ondervraagden geeft aan meer te zullen investeren in
nieuwe technologie, bij een kwart blijven de bestedingen op het huidige niveau;
ondanks de recessie.
De onderzoeksresultaten zijn volgens McKinsey een
indicatie dat een nieuw type onderneming aan het ontstaan is, een networked
organization, die zeer intensief gebruikmaakt van interactieve technologie,
zowel intern als richting klanten en partners.
Toekomst Web
2.0
De respondenten die aangeven merkbare resultaten te boeken,
hebben al met 35 procent van hun klanten en met 50 procent van hun partners Web
2.0-contacten. De belofte volgens de onderzoekers is dat dit soort bedrijven
veerkrachtiger zijn en flexibeler, omdat ze sneller toegang hebben tot kennis en
dus sneller kunnen innoveren.
Wel is het zo, dat ongeveer een derde van
de respondenten aangeeft nog géén businessvoordelen te ervaren, met name omdat
ze nog zoekende zijn naar de juiste wijze om de technologie in te zetten.
Desalniettemin zijn ook zij tevreden over Web 2.0. De slotconclusie ligt dan ook
voor de hand: Web 2.0 heeft nog een mooie toekomst voor zich.







